Werkgebied · Den Haag
Meubelmontage in Den Haag: ruime vooroorlogse etages en een strikte huurregel
Kort antwoord
Wie in Den Haag iets laat monteren, heeft meestal met twee dingen tegelijk te maken: een etagewoning en een verhuurder. Van de 274.171 woningen in de gemeente is 79 procent een meergezinswoning en 57 procent huur; in wijken als Moerwijk, Schildersbuurt en Bouwlust is meer dan zestig procent van de voorraad in bezit van een woningcorporatie. Tegelijk is de Haagse vooroorlogse woning royaler dan het beeld van de stadsetage doet vermoeden: de bouwjaren 1850 tot 1925 leveren gemiddeld ruim honderd vierkante meter per woning op, met bijbehorende plafondhoogte. Dat maakt de kamer ruim en de trap ernaartoe niet. Twee vragen dekken daarom het grootste deel van de voorbereiding: mag er in de wand geboord worden, en hoe komt het meubel op de verdieping.
Vier op de vijf woningen liggen boven of onder een andere woning
Het Haagse aandeel meergezinswoningen is 79 procent. In de grootste wijken loopt dat nog verder op: Laakkwartier en Spoorwijk telt 21.095 woningen waarvan 90 procent gestapeld, het Centrum 13.893 woningen waarvan 93 procent, Bezuidenhout 10.853 woningen waarvan 94 procent en het Valkenboskwartier 9.878 woningen waarvan 93 procent.
De gemeenschappelijke opgang is daarmee de standaardsituatie en niet de uitzondering. Voor een montageafspraak is de vraag dus niet óf er een trap in het spel is, maar hoe die trap loopt: recht of met een draai, met of zonder tussenbordes, en of het trappenhuis breed genoeg is om een plaat schuin te houden.
Er is nog een tweede eigenschap van dit woningtype die vaak wordt vergeten. De begane grond is in veel Haagse straten zelf ook een woning, en het trappenhuis is dus geen bedrijfsruimte maar iemands directe woonomgeving. Werken met een zaag of een boormachine in de gang is daar geen vanzelfsprekendheid; dat is een reden om het opbouwen binnen de woning te doen en niet in het portiek.
De vooroorlogse Haagse woning is ruim
Den Haag heeft 106.987 woningen van vóór 1945, oftewel 38,9 procent van de voorraad. Wat die voorraad onderscheidt, is de maat: de bouwjaren 1850 tot 1905 leveren gemiddeld 107 vierkante meter per woning, 1905 tot 1925 gemiddeld 105, en zelfs de klasse 1925 tot 1945 zit nog op 95. Voor de hele Haagse voorraad is het gemiddelde 95 vierkante meter.
Een ruime kamer klinkt als goed nieuws voor montagewerk, en dat is het meestal ook: er is plek om een kast liggend op te bouwen en daarna rechtop te zetten. Maar er zit een adder onder het gras, en die heet plafondhoogte. In een kamer van drie meter hoog past een kast van 2,60 meter prima, alleen kun je hem niet meer kantelen als je hem liggend hebt gebouwd — de diagonaal is dan langer dan de hoogte van de kamer.
Daarom wordt een hoge kast in dit type woning vaak staand opgebouwd of in twee delen gestapeld. Dat is een keuze die vóór de bestelling gemaakt hoort te worden en niet erna, want niet elk model laat zich zo bouwen. Bij kastenmontage van alle merken wordt daar vooraf naar gevraagd, samen met de hoogte van de kamer.
Waar het corporatiebezit zit
Van de Haagse voorraad is 30 procent in bezit van een woningcorporatie, maar dat gemiddelde zegt weinig. In de naoorlogse strook in Zuidwest en in de Schilderswijk ligt het aandeel rond twee derde, terwijl het in het Valkenboskwartier op elf procent uitkomt en in Bezuidenhout op veertien.
Dat verschil is voor een bewoner het verschil tussen zelf beslissen en toestemming vragen. De tabel hieronder zet de wijken op een rij waar dat het meest speelt.
| Wijk | Woningen | Meergezins | Corporatiebezit |
|---|---|---|---|
| Laakkwartier en Spoorwijk | 21.095 | 90% | 34% |
| Centrum | 13.893 | 93% | 34% |
| Bouwlust | 12.877 | 82% | 61% |
| Schildersbuurt | 12.740 | 86% | 66% |
| Scheveningen | 10.984 | 83% | 21% |
| Bezuidenhout | 10.853 | 94% | 14% |
| Moerwijk | 10.585 | 91% | 66% |
| Morgenstond | 10.161 | 90% | 63% |
| Valkenboskwartier | 9.878 | 93% | 11% |
| Ypenburg | 9.764 | 24% | 25% |
| Wateringse Veld | 8.708 | 32% | 28% |
Huren en boren: de vraag die vooraf gaat
In een huurwoning bepaalt de huurovereenkomst wat er aan of in de wand mag en wat er bij het einde van de huur hersteld moet worden. Bij een corporatiewoning staat dat meestal in een aparte regeling over zelf aangebrachte voorzieningen. Dat is geen formaliteit: het verschil tussen een kast die op poten staat en een kast die aan de muur hangt, is precies het verschil tussen wel en niet onder zo'n regeling vallen.
Praktisch levert dat drie mogelijkheden op. Vrijstaand plaatsen, waarbij het meubel alleen tegen kantelen wordt geborgd. Bevestigen met een oplossing die weinig achterlaat. Of een volwaardige bevestiging in de constructie, als dat mag. Welke van de drie het wordt, is een keuze van de bewoner en niet van de monteur, maar hij moet wel vóór de afspraak gemaakt zijn.
Voor een televisiewand geldt dit het sterkst, omdat daar zowel gewicht als kabelwerk aan hangt. Wat er bij een BESTA-wandopstelling aan bevestiging nodig is en wat er zichtbaar blijft als het meubel ooit weggaat, is daarom een goede vraag om vooraf te stellen.
Ypenburg en Wateringse Veld: het andere Den Haag
Aan de rand van de gemeente ligt een deel dat nauwelijks op de rest lijkt. In Ypenburg is 24 procent van de 9.764 woningen gestapeld en in Wateringse Veld 32 procent van 8.708 woningen. Dat zijn overwegend grondgebonden woningen met een eigen voordeur aan de straat, gebouwd vanaf de late jaren negentig.
Voor de aanvoer verandert dat alles: geen gemeenschappelijke trap, meestal parkeergelegenheid dicht bij de deur en ruimere doorgangen binnen. Wat ervoor terugkomt is dat de binnenwanden in woningen uit die bouwperiode lichter zijn uitgevoerd dan het metselwerk in de vooroorlogse stad, zodat de vraag verschuift van hoe krijgen we het naar boven naar waar hangt het straks aan.
Ook bij een bed is dat verschil merkbaar. Een verdiepingsvloer in een nieuwere woning is doorgaans van beton en veert niet, terwijl een houten balklaag in een oude etagewoning meebeweegt met elke beweging in bed. Dat hoort bij het stelwerk dat onder bedmontage voor alle merken valt.
Rond Den Haag
Direct ten oosten ligt Zoetermeer, een groeikern waar 1,2 procent van de woningen van vóór 1945 dateert en bijna de helft van de voorraad uit de jaren 1975 tot 1995 komt. Ten zuidoosten ligt Delft, waar juist de bouwjaren 1965 tot 1975 de grootste groep vormen en het aandeel corporatiewoningen op 42 procent ligt.
Wie binnen deze hoek van Zuid-Holland verhuist, wisselt daarmee vaak van bouwjaar en van woningtype tegelijk. Dat is het moment waarop een inrichting die jaren goed werkte ineens niet meer past, en waarop het loont om eerst te meten en dan te bestellen.
De cijfers op deze pagina
| Gegeven | Waarde | Bron |
|---|---|---|
| Woningvoorraad gemeente Den Haag | 274.171 | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Aandeel meergezinswoningen | 79% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Aandeel huurwoningen | 57% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Aandeel in bezit van een woningcorporatie | 30% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Woningen Laakkwartier en Spoorwijk; aandeel meergezins | 21.095 / 90% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Corporatiebezit Moerwijk en Schildersbuurt | 66% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Corporatiebezit Valkenboskwartier | 11% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Woningen Ypenburg; aandeel meergezins | 9.764 / 24% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Woningen Wateringse Veld; aandeel meergezins | 8.708 / 32% | Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) |
| Gemiddelde woonoppervlakte | 95 m² | Voorraad woningen; gemiddeld oppervlak; woningtype, bouwjaarklasse, regio (tabel 82550NED) |
| Woningen gebouwd vóór 1945 | 106.987 (38,9%) (berekend) | Voorraad woningen; gemiddeld oppervlak; woningtype, bouwjaarklasse, regio (tabel 82550NED) |
| Gemiddelde oppervlakte bouwjaren 1850–1905 | 107 m² | Voorraad woningen; gemiddeld oppervlak; woningtype, bouwjaarklasse, regio (tabel 82550NED) |
| Gemiddelde oppervlakte bouwjaren 1905–1925 | 105 m² | Voorraad woningen; gemiddeld oppervlak; woningtype, bouwjaarklasse, regio (tabel 82550NED) |
Diensten in Den Haag
De plaatspagina beschrijft de woning; de dienstpagina beschrijft het werk.
Plaatsen in de buurt
Zoetermeer
Twee derde van de Zoetermeerse woningen komt uit de bouwjaren 1965–1995. Standaardplattegronden, ruime maten en woonerven bepalen hier hoe een montageafspraak verloopt.
Delft
Een op de vijf Delftse woningen komt uit de bouwjaren 1965–1975, geconcentreerd in Voorhof en Buitenhof. Daarnaast is 68 procent van de voorraad gestapeld en telt de stad meer huishoudens dan woningen.
Wat hier niet staat
Gemeentelijke regels over parkeren, vergunningzones en ontheffingen staan niet op deze pagina. Die verschillen per straat en veranderen zonder aankondiging; wij overschrijven ze niet, want dan vertrouw je op een verouderde versie. Vraag ze na bij de gemeente en geef ons alleen de uitkomst door: waar de bus kan staan en hoe lang.
Bronnen
- Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED) · Centraal Bureau voor de Statistiek · · peildatum: verslagjaar 2025Woningvoorraad, aandeel meergezinswoningen, huur- en corporatieaandeel voor de gemeente en voor de elf grootste Haagse wijken.
- Voorraad woningen; gemiddeld oppervlak; woningtype, bouwjaarklasse, regio (tabel 82550NED) · Centraal Bureau voor de Statistiek · · peildatum: 1 januari 2026Aantal woningen en gemiddelde woonoppervlakte per bouwjaarklasse voor de gemeente Den Haag, stand 1 januari 2026.
Iets te monteren in Den Haag?
Geef door om welk meubel het gaat, in wat voor woning het komt en hoe de woning bereikbaar is: verdieping, lift of trap, en de bocht in het trapgat. Dan weten we vooraf wat er nodig is.
Vraag een afspraak aan